Skip to content

Onderzoek naar het ontstaan van een woord

In de taalwetenschap bestudeert men de herkomst van woorden. Het onderzoeken van de geschiedenis voor de manier waarop de vorm van een woord ontstaan is, heet etymologie. Het wordt ook wel woordherkomst genoemd. Vaak bij uitgeverijen van woordenboeken en encyclopedieën werken etymologen, mensen die etymologie bedrijven.

Talen uit één taalfamilie

Wanneer een woord qua vorm en betekenis overeenkomt met een woord uit een andere taal, dan spreken we van etymologie. Wanneer in verschillende talen, veel woorden bestaan met eenzelfde vorm en betekenis, dan hebben deze woorden zich waarschijnlijk ontwikkeld vanuit één brontaal. Verwante talen, verwante woorden ofwel cognaten zijn talen die uit één taalfamilie komen en zich hebben ontwikkeld uit een gemeenschappelijke vooroudertaal.

Doublet

Het kan zo zijn dat hetzelfde woord in de brontaal zich op twee manieren ontwikkelt in een taal die er uit voortkomt of later nog eens in een andere vorm geleend wordt, dan hebben we het over een doublet. Dus: een doublet of tweelingwoord is de benaming voor een groep van twee of meer woorden in dezelfde taal met verschillende vormen en vaak ook verschillende betekenissen, met een gemeenschappelijke taaloorsprong. Vaak spreekt men over erfwoorden, maar er zijn ook leenwoorden. Leenwoorden zijn op een andere manier de taal binnengekomen. Dit zijn woorden met een aanpassing van hetzelfde grondwoord als datgene waaruit het eerste is ontstaan.

Klankwet

Doordat iedere taal zijn eigen uitspraakregels kent, zijn er veel verschillen tussen de woorden van de ene en andere taal. In de loop van de tijd veranderden de uitspraakregels en zijn er veel verschillen tussen verwante woorden ontstaan, met een klein aantal systematische verschillen in de uitspraak. In de historische taalkunde, het deel van de taalkunde dat de ontwikkelingsgeschiedenis van talen probeert toe te lichten, is het opsporen en plaatsen van een klankwet één van de belangrijkste activiteiten. Een klankwet is een uitspraakverandering die zich voordoet in een bepaald taalgebied in een bepaalde periode. De Indo-Europese talen, soms ook wel Indo-Germaanse talen genoemd, vormen een taalfamilie van meer dan 400 verwante talen. Voor deze Indo-Europese talen is een groot aantal klankwetten al vastgelegd in de 19e eeuw.

Een voorbeeld van een klankwet is het systematische verschil tussen de Nederlandse woorden tafel, tussen, hout en snuit en de Duitse cognaten: Zabel, zwischen, Holz en Snautze. Het Duitse woord wordt uitgesproken met een ts-klank en wordt geschreven met een z, terwijl het in het Nederlands een t heeft. Het Duits en het Nederlands zijn duidelijk aan elkaar verwant, wat talen betreft. Ook het Engels, het Fries en een groot aantal van de Duitse dialecten hebben een t in dit soort woorden. Er is dan een tamelijk scherpe lijn te trekken door de Duitse dialecten, ten zuidoosten vanwaar men de z gebruikt. Door het bestuderen van bijvoorbeeld oude documenten en woorden in andere talen die lang geleden aan het Duits zijn ontleend, is de bijbehorende klankwet vastgesteld. Wat voorheen de klank t had, is als gevolg van de tweede Germaanse klankverschuiving, in het Hoogduits, een z geworden.

Volg ons

Heb je een vraag?

Please enter your name.
Please enter a valid email.
Please enter a message.

Oergermaanse taal

Met behulp van de etymologie en de klankwet is vastgesteld dat het Nederlands, Engels en Duits nauw verwante talen zijn. Zij gaan terug naar een gemeenschappelijke brontaal, ofwel het Oergermaans, dat op zijn beurt weer deel uit maakt van de veel grotere Indo-Europese familie. Taalwetenschappers kunnen door verder onderzoek van de klankwetten de Oergermaanse vorm van een woord reconstrueren, zelfs wanneer het woord nooit is opgeschreven.

Leenwoorden

Leenwoorden lijken in verschillende talen op elkaar, maar er is geen klankwettige overeenstemming. Het woord tank bijvoorbeeld is in vele talen hetzelfde. Dat komt doordat al die talen hetzelfde woord uit het Engels hebben overgenomen. In het Duits wordt het woord niet vertaald naar Zank, omdat de ontlening van het woord pas plaatsvond na de klankverschuiving van t naar z.

Onomatopee

Omdat woorden uit verschillende talen klanknabootsingen zijn van hetzelfde geluid, kunnen zij op elkaar lijken. Deze klanknabootsing noemt men ook wel onomatopee. Net als bij leenwoorden stemmen onomatopeeën in verschillende talen vaak overeen in vorm en betekenis, maar trotseren zij de zo mogelijk gevonden klankwetten.

Laat een reactie achter